De 97ste Giro d’ Italia: een feest voor de wielerliefhebber!

De 97ste Giro d’ Italia: een feest voor de wielerliefhebber!

Misschien wel de mooiste ronde van het jaar…

De Giro staat nog altijd, en waarschijnlijk voor altijd, in de schaduw van zijn grote neefje de Tour de France. Toch is dit niet terecht. In een drie weken durende strijd worden de renners geteisterd door zo ongeveer alles wat het wielrennen zo zwaar, en daardoor zo mooi maakt. Moordende cols, levensgevaarlijke massasprints met het plaatselijke b-garnituur Italiaanse sprinters als kamikazepiloten van dienst, en tifosi die gek worden langs de kant van de weg als ze hun helden ontwaren. Wielrennen is in Italië geen sport, wielrennen is een religie. En nergens komt dit gegeven beter naar voren dan tijdens die drieweekse rondrit in mei!

Hoogtepunten van de route 2014

Start in Noord-Ierland

Zijn de organisatoren van de Ronde van Italië dan helemaal niet gevoelig voor commerciële belangen? Helaas, ook de Giro ontsnapt niet aan belangen die groter zijn dan de romantiek. Althans een andere manier om het Noord-Ierse(!) Belfast als startplaats te verklaren lijkt er niet te zijn. Op vrijdag 9 mei start de Giro in deze stad met een ploegentijdrit over een kleine 22 kilometer. De volgende twee dagen lijken gemaakt voor de sprinters, en met name voor Marcel Kittel die in deze editie geen tegenstand hoeft te vrezen van Mark Cavendish die ditmaal en andere voorbereiding kiest richting de Tour de France. De derde etappe finisht in de Ierse hoofdstad Dublin waarna de rustdag op 12 mei zal worden benut voor de overtocht naar het vasteland van Italië.

De eerste kansen voor de klimmers

In de vijfde etappe geven de sprinters het stokje over aan hun beter klimmende collega’s. Deze etappe eindigt met een klim van ongeveer 7 kilometer naar Viggiano. In de zesde etappe krijgen de renners maar liefst 247 kilometer te verstouwen. Deze rit eindigt bij de ruïnes van Montecassino, de plek waar één van de meest verwoestende slagen uit de tweede wereldoorlog werd uitgevochten. Wellicht inspireert deze geschiedenis de Poolse renners Rafal Majka, Pawel Polanski en Przemyslaw Niemiec, aangezien de naam “Montecassino” met bloedrode letters in het Poolse collectieve geheugen is gegrift.

De klassementsmannen mogen aan de bak

In de achtste en negende etappe wordt er voor het eerst heel serieus geklommen. Deze beide etappes eindigen (ruim) boven de 1000 meter. In de Apennijnen zal je deze editie van de Giro niet winnen, als je een slechte dag hebt kan je hem hier zo maar verliezen…

Het feest gaat beginnen

Na enkele etappes met kansen voor de sprinters of een omvangrijke kopgroep wordt er op 22 mei weer een hoop duidelijk. Op het menu staat dan een individuele tijdrit van 42 kilometer tussen Barbareco en Barolo. Op 24 en 25 mei bezoekt het peloton de Italiaanse Alpen waarbij op beide dagen een aankomst bergop voor de renners is uitgedacht.

Het allerergste moet nog komen

Sommige renners komen na een rustdag slecht op gang, een bekend fenomeen tijdens een grote ronde. Als dat op 27 mei tijdens de 16e etappe naar Val Martello ook het geval is dan kan je je borst wel natmaken. Hoewel de afstand slechts 139 kilometer bedraagt ligt halverwege de beruchte Passo di Stelvio te wachten. Vanaf de voet in het Italiaanse skioord Bormio beginnen de renners aan een 22 kilometer lange klim. De renner die het eerst de top passeert mag zich de trotse winnaar van de Cima Coppi noemen, de trofee voor de eerste renner die het hoogste punt van deze Giro bereikt.
In de daaropvolgende etappes zal het bijna nooit meer vlak zijn. Een etappe waarbij dit zeker het geval is betreft de individuele klimtijdrit naar Cima Grappa. Waarin een col van een kleine 20 kilometer moet worden bedwongen met een maximaal stijgingspercentage van 14%. De absolute koninginnenrit vindt echter plaats op 31 mei. De finish is deze dag getrokken op de mytische Monte Zoncolan, een berg zonder genade die vele rennersdromen meedogenloos in de kiem heeft gesmoord.
De volgende dag zal de winnaar zich in Triëst voor de laatste keer mogen laten bewonderen, hier eindigt de Giro voor 2014. De klassieke renners die zich thuis voelen in de Ardennen kunnen hier nog eenmaal hun geluk beproeven, een massasprint is hier onwaarschijnlijk.

Nederlanders in de Giro d’Italia 2014

Nederland is als land, na Italië en Frankrijk het best vertegenwoordigd in deze Ronde van Italië. Voor het Belkin Team staan er acht landgenoten aan de start waarbij we vooral uit moeten kijken naar het duo Wilco Kelderman/Steven Kruijswijk. Johnny Hoogerland zal zich in dienst van zijn Italiaanse werkgever Androni ongetwijfeld in een aantal ontsnappingen gaan laten zien. Bij Orica staat Pieter Weening aan het vertrek, de Harekiet is tot op heden de laatste Nederlandse renner die een dagsucces in de Giro wist te behalen. Bij Giant-Shimano zullen de Nederlanders Tom Veelers, Albert Timmer en Tom Stamsnijder voornamelijk moeten werken voor de Duitse topsprinter Marcel Kittel.

Klassementsrijders
De strijd in het algemeen klassement wordt een gevecht tussen de oude garde, met mannen als Cadel Evans, Ivan Basso, Michele Scarponi en Franco Pellizotti, en de aanstormende jonge honden. In deze laatste categorie vinden we onder meer Fabio Duarte, Rigoberto Uran, Ook de Nederlander Wilco Kelderman zal zich in deze strijd mengen.

Sprinters
Bij afwezigheid van Mark Cavendish ruiken een aantal andere snelle mannen hun kans. Marcel Kittel, Tyler Farrar en Nacer Bouhanni lijken het in de vlakke etappes te gaan uitmaken. De local hero’s Giacomo Nizzolo, Roberto Ferrari en Manuel Belletti zullen hier echter graag een stokje voor willen steken. En wat kan de oude vos Alessandro Petacchi nog uitrichten?

Favorieten voor de Giro d’Italia 2014

  • Rigoberto Uran
  • Cadel Evans, Joaquim Rodriguez
  • Nairo Quintana, Ryder Hesjedal, Domenico Pozzovivo

Dark Horse: Fabio Aru

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.